Het is wél persoonlijk bedoeld

Hoe rampverhalen tot leven komen

Door Reinier Rombouts

Een oorlog, een ramp, een aanslag. Grote gebeurtenissen die het nieuws tijden domineren, zijn vaak zo complex, omvangrijk of ver weg dat het voor de gemiddelde nieuwsvolger moeilijk is de impact te voelen. Honderden, duizenden doden zijn erg. Heel erg. Vluchtende vrouwen en kinderen aan de andere kant van de wereld zijn zielig. En natuurrampen zijn dramatisch en spectaculair. Iedere avond trekken dergelijke nieuwsitems aan ons voorbij. Gaza. Alweer? Koffie?


196 slachtoffers, 196 verhalen
Grote gebeurtenissen komen vaak pas tot leven door kleine verhalen. Persoonlijke verhalen. Over mensen. De ramp met vliegtuig MH17 dat boven Oekraïne uit de lucht werd geschoten, was groot nieuws. Omdat er 196 Nederlanders omkwamen, is het in ons land nog steeds nieuws waar het in andere landen al van de krantenpagina’s en uit de journaals is verdwenen. De vreselijke vliegramp hakte er flink in. Zelf luisterde ik met stijgende verbazing naar het steeds toenemend aantal doden. Maar het raakte me pas echt toen journalisten de verhalen van de individuele slachtoffers optekenden. Zoals het AD, dat zich voornam om alle verhalen van de 196 slachtoffers te vertellen. Een prachtig initiatief dat de ramp dichtbij, voelbaar en herkenbaar maakt. Neem het verhaal van Willem (52) uit Nieuwegein die op weg was naar een nieuw leven in Bali. Hij had besloten om bij zijn nieuwe Balinese vriendin te gaan wonen en niet meer terug te keren naar Nederland. Hij keerde nooit terug, maar kwam ook nooit aan in zijn beloofde land. Dit soort kleine verhalen gaven de vliegramp voor mij een gezicht. Een gezicht dat ik altijd zal onthouden, anders dan de vele rampen die ik ook zag op het journaal, maar die nooit persoonlijk werden.

Onderdeel van het verhaal Een andere ramp die in het collectieve geheugen is gegrift, is 9/11. Dit jaar is op de fundamenten van de torens in New York het 9/11 Memorial Museum geopend. Briljant aan dit museum is dat het een beroep doet op dat geheugen, op de verhalen die iedere bezoeker zelf heeft over de aanslag op de Twin Towers. Natuurlijk zijn er veel materialen te zien in het museum, zoals een originele trap van het World Trade Center, het wrak van een brandweerwagen en bebloede naaldhakken van een slachtoffer. Maar al deze gruwelijke details vormen het decor voor datgene waar het werkelijk om gaat: de verhalen van de slachtoffers, nabestaanden, hulpverleners en bezoekers. De verhalen van alle slachtoffers zijn opgetekend en met foto’s krijgen ze een gezicht. Ze komen zelfs tot leven doordat hun laatste berichten op voicemails en antwoordapparaten worden afgespeeld. Een derde van de wereldbevolking zag de aanslagen op de torens live of zag het diezelfde dag in herhaling op tv. Ook die verhalen van bezoekers worden onderdeel van het museum. Bezoekers kunnen hun persoonlijke verhaal over die dag en de impact daarvan op hun leven achterlaten. Het museum toont die ervaringen op een grote wand. Zo wordt iedere bezoeker zelf onderdeel van het grote verhaal.

Persoonlijk
Vaak willen we in onze communicatie veel impact bereiken, maar laten we weinig zien van wie we echt zijn. Worden niet persoonlijk. Niet echt. We zeggen het zelfs letterlijk, vooral in werksituaties, het zakelijk verkeer: het is niet persoonlijk. Rampen doorbreken ons normale ritme en maken dat we iets extra’s geven. Iets meer durven. En dan willen we de verhalen achterhalen. Om te begrijpen, te voelen om zo dichtbij als mogelijk te komen. Het resultaat: mooie, hartverscheurende verhalen met een enorme impact. De organisaties die hun kale kernboodschappen durven weggooien en hun echte verhalen gaan vertellen, zullen werkelijk impact creëren. Het is namelijk wél persoonlijk bedoeld. Altijd.


Reinier Rombouts is senior communicatieadviseur bij Achmea en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b

Een reactie plaatsen