Het leukste wat je kunt worden, is jezelf

-door Joyce Oomen

“My dear, here we must run as fast as we can, just to stay in place. And if you wish to go anywhere, you must run twice as fast as that”
Lewis Carrol – Alice’s adventures in Wonderland & through the looking-glass

Dit zegt de koningin tegen Alice wanneer ze lange tijd hard gerend heeft, maar er achter komt dat ze nog steeds op dezelfde plek is. Heel hard rennen en toch niet vooruitkomen, dat wil niemand. De drang om vooruit te komen zit in de mensheid ingebakken. Die lijkt soms wel sterker dan wij. Niet voor niets luidt een oud gezegde dat stilstand achteruitgang is. Anderen halen je immers in als je niet beweegt. Overigens zijn mensen hierin niet uniek. In de 19de eeuw bogen wetenschappers zich over de plantenwereld. Zij onderzochten een fenomeen dat ze ‘regeneratie’ zouden noemden. Ze kwamen tot de bijzondere ontdekking dat planten, zoals een boom, zich voortdurend moeten vernieuwen om een boom te blijven. Dat is een vreemd idee. Bewegen, veranderen om te blijven wat je bent!

De wereld om ons heen verandert ook. En wel in hoog tempo. De invloed van technologie wordt steeds groter en voor iedereen voelbaar. Wat je vandaag leert, kan morgen al weer achterhaald zijn. Stabiliteit lijkt iets uit een grijs verleden. De ene reorganisatie is nog niet afgerond, of de volgende staat al weer voor de deur. Hoe zorg je ervoor dat je mee blijft doen, succesvol blijft, als individu en als organisatie?

Als we vooruit willen moeten we dan twee keer zo hard rennen, zoals de koningin tegen Alice zegt, of juist slimmer? Ik ga voor slimmer. Een organisatie die slimmer rent, zet mensen in op hun talent. Slimmer rennen doe je niet op kracht maar op passie. Slimmer rennen is niet tijd en energie steken in het oppoetsen van de buitenkant. Niet hardnekkig proberen iets te zijn wat je niet bent. Niet als organisatie en niet als mens. Slimmer rennen is beginnen bij je kern, bij wie je bent. Dat is je basis, de boom. Dat maakt je lot veel onafhankelijker van alle machten en krachten van buitenaf. Jaren geleden introduceerde Manpower haar allereerste commercials op tv met wat mij betreft één van de mooiste reclamezinnen aller tijde; “het leukste wat je kunt worden, is jezelf”. Als we daar aan vast houden; komen we zeker waar we willen zijn.

Joyce Oomen is Director thought leadership & innovation at ManpowerGroup en volgt de leergang tot Chief Storyteller
Dit blog verscheen op haar linkedin pagina:

www.idilio.nl 

Het script voor de kroonprins

– door Reinier Rombouts

Het leven is vaak wat je gebeurt. Je weet wel: van die andere plannen die nooit doorgaan. Vooral die waar je zo druk mee was. Je hebt het allemaal goed voorbereid, zorgvuldig gepland en er hard voor gewerkt. Je verdient het echt. Wat zeg ik? Je bent eigenlijk al eigenaar van dat nieuwe huis. Je hebt die baan al. En terecht. Alleen nog even tekenen.
Bijrol
Ronald Koeman had eind vorig jaar de pen al in de hand om te tekenen als nieuwe bondscoach van het Nederlands Elftal toen de KNVB ineens Guus Hiddink uit de hoge hoed toverde. De voetbalbond paste het script voor Koeman aan: hij mocht een bijrol vervullen naast ome Guus. Koeman kwaad. Hij bedankte. En zag hoe zijn rivaal Louis van Gaal derde werd met de Nederlandse spelers op het WK in Brazilië. Van Gaal mocht vervolgens naar Engeland om daar de grootste club van het land te trainen: Manchester United. Ook dat nog.Kroonprins
Koeman, kroonprins onder de trainers, legde het af tegen de oude koningen van het trainersgilde. Hij vertrok bij Feyenoord en werd coach van Southampton, een Engelse club die deze zomer compleet werd leeg gekocht en door de kenners werd ingeschaald als degradatiekandidaat. Terwijl Koeman zijn beste spelers zag vertrekken, gaf Louis van Gaal intussen bakken met geld uit in Manchester. Hiddink liet onderwijl de teugels vieren bij Oranje en scoorde punten bij de internationals als de gezellige oom die de strenge ‘vader Louis’ deed vergeten.

Nieuw hoofdstuk
Koeman dacht aan de crises die hij eerder doorstond in zijn trainerscarrière (ontslagen bij Valencia en AZ), haalde zijn schouders op en keek welk script het leven hem voorschreef. Southampton kwam. Koeman belde zijn broer Erwin, vroeg hem of hij zijn assistent wilde worden en samen vertrokken zij naar Zuid Engeland. Ronald koos voor het verhaal zoals zich dat aan hem opdrong. Accepteerde dat de sterspelers van de club werden verkocht en kocht zelf (op papier mindere) spelers. Hij vertrouwde op zichzelf, zijn broer en de spelers in zijn selectie. Hij sloeg de bladzijde om en startte voor zichzelf en de voetbalclub een nieuw hoofdstuk.

Succesverhaal
Inmiddels zijn de eerste zes speelronden in de Premier League gespeeld. Koeman zorgde voor de beste seizoenstart uit de clubgeschiedenis: Southampton staat tweede. Het Manchester United van Louis van Gaal begon dramatisch. Waar Ronald Koeman op het schild wordt gehesen, is Louis nu koning af. Manchester United is zevende in de rangschikking. En op 6 december moet Van Gaal op bezoek bij Koeman.
Is het bondscoachschap nog onderdeel van zijn levensverhaal? Waarschijnlijk wel. Het staat alleen een paar hoofdstukken verder in het script dan Koeman dacht. Als hij zo doorgaat, komt ook de KNVB vanzelf weer bij hem op bezoek.

Reinier Rombouts is senior PR adviseur bij Pride PR en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b

Jos van Oord en zijn verhalen

Gesprek over betekenis van verhalen voor het vinden van je talenten en je bestemming

door Petra Muns

Jos hoor ik spreken tijdens de Better2Gether dag in Amersfoort, een inspirerende dag met als doel professionals en ondernemers te helpen een levensplan te bouwen. Jos vertelt het verhaal van de bruiloft van Kana. Hij vertelt geweldig met als bron de Bijbel. Jos is theoloog. Het unieke aan zijn verhaal is voor mij dat de context van moraliteit ontbreekt, die vaak is gekoppeld aan religieuze verhalen.

Nu wordt de schoonheid en wijsheid erin belicht en dat raakt mij. Ik herken het verhaal over de bruiloft van vroeger van de zondagsschool, maar hoor nu pas wat een rijk verhaal het is. Ik wil van Jos weten hoe hij denkt dat verhalen mensen helpen in hun loopbaan en maak een afspraak met hem. Ik ontmoet hem bij Corazon in Amersfoort, een fijne plek. Jos zit al aan een tafeltje, gezond bruin ogend, lichte kleding dragend en met een warme uitstraling.

We zijn verhalen
Ik vraag Jos hoe hij zijn verhalen ziet in deze wereld. Hij zegt: “Ik kan niet zonder verhalen. Vroeger lagen de verhalen op straat en werden ze bewaard in kerken. Maar nu verdwijnt het religieus erfgoed. Elke week worden er kerken afgebroken. Ik hoop dat er plekken blijven waar de verhalen gekoesterd worden en anders hoop ik dat ze worden meegedragen in de harten van mensen.” Jos wil graag de nieuwe religieuze mens bereiken. Mensen zeggen tegen Jos: “Als ik het verhaal van de bruiloft van Kana eerder zo had gehoord als jij het vertelt dan…”. Jos slaat de brug en het wordt jouw eigen verhaal. Hij doet dat bijvoorbeeld door dit soort frasen: “Op de derde dag van het bruiloftsfeest is er geen wijn meer, dat wil zeggen er is geen hoop, geen toekomst meer. Uiteindelijk wordt het water, wijn, maar eerst is er chaos. Vanuit chaos komt schepping. Aan de passie (het bruiloftsfeest) gaat gemis vooraf. De grote vraag is dan: hoe ga jij om met tegenslag?“

In oude verhalen het eigen leven herkennen
Jos vertelt hoe hij als kind graag dienstbaar was. Als zijn vader thuiskwam ging hij samen met zijn moeder naar de keuken om een borreltje in te schenken voor zijn vader, hapjes te maken en de tafel te dekken voor het eten. Hij kiest later steeds voor een ‘dienend’ beroep. Gastheer zijn, is de rode draad in zijn leven. Een keuze vanuit zijn hart. Zijn loopbaanpad gaat via de hotelschool naar een studie theologie. Eerst is hij werkzaam in de landelijke kerk, later als predikant. Jos is ook nog theaterdirecteur geweest en nu, naast interim-predikant, vooral theoloog/verhalenverteller.

Jos vertelt: “Ik wil mensen niet bekeren, ik wil hun ontdooien, mensen weer op de rit helpen, een brug slaan. In de oude verhalen kunnen mensen hun eigen leven herkennen.” Jos gelooft in God als scheppingskracht, als geest, die werkzaam is in mensen, in gebeurtenissen, in de natuur. “En,” zegt hij, “oproepbaar bij het doorvertellen van de oerverhalen. ”
Ik denk dat het hem goed lukt om in een tijd van religieus verval, de verbinding te maken met het joods-christelijk erfgoed voor ons hedendaagse mensen. Hij is in staat de brug te slaan, betekenis te geven.

Via ‘de woestijn’ naar ‘het beloofde land’ 
Ik vraag hem wat verhalen kunnen betekenen voor mensen in hun werk.
Jos legt uit: “Je bent meer dan je werk. In de huidige tijd waarin mensen vasthouden aan de zekerheden van hun werk wil ik ze oproepen om eerlijk en oprecht te zijn.”
Jos vertelt zijn verhalen in organisaties en merkt dat er in veel organisaties een cultuur van zwijgen is. “Door het gesprek aan te gaan met collegae kun je dit doorbreken. Pas dan kom je weer in een positieve flow. Door de economische crisis zijn veel mensen bang geworden, ze durven niet. En toch zul je via het ‘angstland door de woestijn’ moeten gaan om in het ‘beloofde land’ terecht te komen. In de bijbel staat Egypte voor het angstland, de woestijn voor opbouw en kiezen voor risico, en dat proces kost tijd. Veertig dagen heeft de profeet Elia ervoor nodig gehad. Tot bestemming kost tijd, niet terugverlangen naar de vleespot”

Door dit voorbeeld realiseer ik me dat je altijd door het stof moet om het beloofde land te bereiken. Daarvoor is het nodig je angst te onderzoeken en moedig te zijn. Dit is meteen de illustratie van wat een verhaal kan betekenen in je leven en loopbaan. Ik reflecteer en verbind het verhaal met mijn eigen levensvragen en thema’s in mijn werk. Een metafoor in een verhaal zoals een dorre woestijn raakt een diepere laag.

Ik dank Jos voor het interview, denk dat ik zelfs nog een zegen van hem krijg. Ik stap de regen weer in en zie al snel een tweet voor ogen “gesprek over betekenis van verhalen voor het vinden van je talenten en je bestemming”


Petra Muns is loopbaanprofessional en registercoach, aangesloten bij het NOLOC en is intern loopbaancoach bij het RIVM. Haar eigen bedrijf heet Tulp Talent.
Ze volgt de leergang tot Chief Storyteller.

 

7 jaar onzichtbaar

Hoe je je eigen legende creëert

Door Yvette Tick

Ik las vanmorgen een interview van Ernst-Jan Pfauth (De Correspondent) met rapper Typhoon. Het interview ging over het favoriete kinderboek van de rapper. Dat bleek De ongeloofelijke avonturen van Bram Vingerling (1927) te zijn. Het vertelt over de tiener Bram Vingerling die graag een groot uitvinder wil worden: hij wil ontdekken hoe hij zichzelf onzichtbaar kan maken. Net als Bram Vingerling wil Typhoon tijdens het schrijven van zijn nummers het liefst onzichtbaar zijn.

Hij deelt de liefde voor Bram Vingerling met wijlen Harry Mulisch, die in een interview uit het jaar 2000 vertelde dat hij net als Bram een grote geleerde wilde worden. Maar Mulisch werd van school gestuurd en het werd oorlog. Toen begon Mulisch te schrijven. Naar eigen zeggen lag het als het ware al in het jongensboek besloten dat hij dat zou gaan doen. Zowel Typhoon als Mulisch zagen in dat zij in hun levensverhaal, hun eigen Heldenreis, een hoofdstuk over moesten nemen van Bram Vingerling: onzichtbaar worden.

In de Reis van de Held, beschreven door Joseph Campbell, maakt de hoofdpersoon van een verhaal een cyclische reis door. Die reis begint met een oproep tot avontuur. Je belandt in een nieuwe wereld. Maar je krijgt ook te maken met een crisis, vaak onvrijwillig zoals bij Mulisch. Je wordt van school getrapt. Er breekt oorlog uit. De toekomst is onzeker. Mulisch vergelijkt zo’n crisis met onzichtbaar worden zoals Bram Vingerling. Je hebt niets meer. Je doet er niet meer toe. Je bent onzichtbaar. Het dwingt je om je leven te herzien: want wat nu? Het betekent ook dat je ongezien van richting kunt veranderen. Het is een kans. Mulisch begreep dat en toen ging hij schrijven. Zijn crisis was ergens goed voor: hij kwam dichter bij zijn bestemming, het bracht hem naar een nieuw avontuur als schrijver.

Anders dan bij Mulisch zocht rapper Typhoon de crisis vrijwillig op. Hij begreep dat hij niet in de nieuwe wereld van zijn muzikale succes kon blijven: als hij zich verder wilde ontwikkelen als Held op zijn reis moest er nog een crisis komen. Hij liet het succes en de bijbehorende sociale status dan ook bewust achter zich om 7 jaar lang zo goed als volledig afgezonderd te werken aan zijn nieuwe album. Ook hij werd, geïnspireerd door Bram Vingerling, onzichtbaar. Schreef daar zelfs het nummer ‘Mr. Invisible’ over. Hij wilde zich bewust onttrekken aan de verwachtingen van de maatschappij. Hij wilde niet proberen perfect te zijn, liever wilde hij authentiek zijn. Ook als dat betekende dat de wereld niks meer van hem wilde hebben.

Campbell heeft het over een (spreekwoordelijke) dood en wederopstanding. Typhoon riskeerde zijn succes met zijn ‘sociale sterven’, maar daardoor stierf ook alles wat afleiding gaf en overbodig was. Daarvoor in de plaats verkreeg hij wat Mulisch het ‘elixer van de schoonheid’ noemt: oog voor creatie. Zonder een crisis hadden zowel Mulisch als Typhoon hun creativiteit niet naar een hoger niveau kunnen tillen. Ze beseften dat en namen er de controle over.

In deze tijd van sociale media waarbij van artiesten verwacht wordt dat ze iedere stap die zij zetten melden en verantwoorden zeg ik: hulde voor degenen die onzichtbaar durven worden. En meer nog dan dat: hulde aan hen die zich niet laten leiden door de maatschappij, maar door het kinderboek dat hun hart raakte. Je wordt er 7 jaar lang misschien niet populair van, maar je creëert wel je eigen legende.

– Yvette Tick was tot voor kort werkzaam in het onderwijs en volgt de leergang tot Chief Storyteller

Het interview met Typhoon (Glenn de Randamie) lees je hier: https://decorrespondent.nl/1615/Leer-van-Typhoon-durf-onzichtbaar-te-zijn/123001804420-68421c1a

Het is wél persoonlijk bedoeld

Hoe rampverhalen tot leven komen

Door Reinier Rombouts

Een oorlog, een ramp, een aanslag. Grote gebeurtenissen die het nieuws tijden domineren, zijn vaak zo complex, omvangrijk of ver weg dat het voor de gemiddelde nieuwsvolger moeilijk is de impact te voelen. Honderden, duizenden doden zijn erg. Heel erg. Vluchtende vrouwen en kinderen aan de andere kant van de wereld zijn zielig. En natuurrampen zijn dramatisch en spectaculair. Iedere avond trekken dergelijke nieuwsitems aan ons voorbij. Gaza. Alweer? Koffie?


196 slachtoffers, 196 verhalen
Grote gebeurtenissen komen vaak pas tot leven door kleine verhalen. Persoonlijke verhalen. Over mensen. De ramp met vliegtuig MH17 dat boven Oekraïne uit de lucht werd geschoten, was groot nieuws. Omdat er 196 Nederlanders omkwamen, is het in ons land nog steeds nieuws waar het in andere landen al van de krantenpagina’s en uit de journaals is verdwenen. De vreselijke vliegramp hakte er flink in. Zelf luisterde ik met stijgende verbazing naar het steeds toenemend aantal doden. Maar het raakte me pas echt toen journalisten de verhalen van de individuele slachtoffers optekenden. Zoals het AD, dat zich voornam om alle verhalen van de 196 slachtoffers te vertellen. Een prachtig initiatief dat de ramp dichtbij, voelbaar en herkenbaar maakt. Neem het verhaal van Willem (52) uit Nieuwegein die op weg was naar een nieuw leven in Bali. Hij had besloten om bij zijn nieuwe Balinese vriendin te gaan wonen en niet meer terug te keren naar Nederland. Hij keerde nooit terug, maar kwam ook nooit aan in zijn beloofde land. Dit soort kleine verhalen gaven de vliegramp voor mij een gezicht. Een gezicht dat ik altijd zal onthouden, anders dan de vele rampen die ik ook zag op het journaal, maar die nooit persoonlijk werden.

Onderdeel van het verhaal Een andere ramp die in het collectieve geheugen is gegrift, is 9/11. Dit jaar is op de fundamenten van de torens in New York het 9/11 Memorial Museum geopend. Briljant aan dit museum is dat het een beroep doet op dat geheugen, op de verhalen die iedere bezoeker zelf heeft over de aanslag op de Twin Towers. Natuurlijk zijn er veel materialen te zien in het museum, zoals een originele trap van het World Trade Center, het wrak van een brandweerwagen en bebloede naaldhakken van een slachtoffer. Maar al deze gruwelijke details vormen het decor voor datgene waar het werkelijk om gaat: de verhalen van de slachtoffers, nabestaanden, hulpverleners en bezoekers. De verhalen van alle slachtoffers zijn opgetekend en met foto’s krijgen ze een gezicht. Ze komen zelfs tot leven doordat hun laatste berichten op voicemails en antwoordapparaten worden afgespeeld. Een derde van de wereldbevolking zag de aanslagen op de torens live of zag het diezelfde dag in herhaling op tv. Ook die verhalen van bezoekers worden onderdeel van het museum. Bezoekers kunnen hun persoonlijke verhaal over die dag en de impact daarvan op hun leven achterlaten. Het museum toont die ervaringen op een grote wand. Zo wordt iedere bezoeker zelf onderdeel van het grote verhaal.

Persoonlijk
Vaak willen we in onze communicatie veel impact bereiken, maar laten we weinig zien van wie we echt zijn. Worden niet persoonlijk. Niet echt. We zeggen het zelfs letterlijk, vooral in werksituaties, het zakelijk verkeer: het is niet persoonlijk. Rampen doorbreken ons normale ritme en maken dat we iets extra’s geven. Iets meer durven. En dan willen we de verhalen achterhalen. Om te begrijpen, te voelen om zo dichtbij als mogelijk te komen. Het resultaat: mooie, hartverscheurende verhalen met een enorme impact. De organisaties die hun kale kernboodschappen durven weggooien en hun echte verhalen gaan vertellen, zullen werkelijk impact creëren. Het is namelijk wél persoonlijk bedoeld. Altijd.


Reinier Rombouts is senior communicatieadviseur bij Achmea en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b

Smoesjes over Storytelling

door Henk Hofman

In de Volkskrantbijlage V zomer #4 van zaterdag 2 augustus stond een verontrustend stuk over Ester Bal, de gewezen perschef bij de voetbalclub Vitesse. Niet zozeer verontrustend als het gaat om hoe er met haar is omgesprongen, want zo te lezen is zij iemand die haar weg wel vindt en zeker in staat is tegenslagen te overwinnen. Maar met name verontrustend vanwege de manier waarop Storytelling wordt gedefinieerd.
’Als er iets niet klopte dan diende de persvrouw een verhaal te verzinnen.’

 

vitesse
Storytelling is hier synoniem voor een verhaal(tje) verzinnen, voor een trucje en staat hier gelijk aan onverbloemd leugens verspreiden. Het wordt hier ingezet om ’iets in de maag te spitsen’, ’een smoes te verzinnen’, ’de waarheid te verdraaien, ’een plannetje te beramen’, kortom om een fraai verpakte leugen te verspreiden met als doel mensen iets op de mouw te spelden.Pijnlijk. Natuurlijk weet ik dat door pers en media vaker valse verhaaltjes worden verspreid en halve waarheden worden voorgeschoteld, maar vooral pijnlijk omdat de term Storytelling op deze manier nogal besmet raakt.

Storytelling gaat – als het goed is – om authenticiteit, inspiratie, verbinding en menselijke waarden. Storytelling zou een waarachtig verhaal moeten opleveren waarbij het gaat over verlangen, moed, écht ergens voor gaan, over offers brengen, over problemen overwinnen en draken verslaan, over dilemma’s onder ogen zien en je doel voor ogen houden. Kortom: het verhaal van de held, waar wij ons op wezenlijk niveau allemaal mee kunnen verbinden.

Maar eens te meer is duidelijk dat alles van waarde weerloos is; het woord storytelling kan zich niet verdedigen. Laten wij, die ons dagelijks met Storytelling bezig houden, ons best doen de waarde ervan hoog te houden. Laten we het onderscheidingsvermogen ontwikkelen om smoesjes van waarachtige verhalen te onderscheiden. Laten we op zoek gaan naar het betere verhaal, ook als dat verzonnen wordt.

Voor het onzekere

Door Yvette Tick
’Waarom heb je nu precies je baan opgezegd?’

We staan samen boven aan de trap. Ik kom net naar boven, mijn collega naar beneden. We leunen over de balustrade die uitkijkt op de grote aula. Beneden ons lopen de laatste leerlingen naar buiten.

Ik vertel hem wat me dwars zit. Over alles wat er onmogelijk wordt gemaakt in het onderwijs. Dat leerlingen zich als mens steeds minder kunnen ontplooien. En ik trouwens ook. Dat ik niet stil kan blijven staan in een omgeving die niet ontwikkelt, of erger nog, naar mijn inzien de verkeerde kant op. Dat ik daar ik ongelukkig van word.

Hij knikt. Herkenbaar. Hij vertelt dat hij ook wel weg zou willen, maar dat hij niet het risico wil lopen werkloos te worden. Dan maar even wat langer uitzitten en een financiële buffer opbouwen. Ik heb zo’n buffer niet. Ik vertel hem dat ik inderdaad snel nieuw werk zal moeten vinden. Maar dat financiële angst mij niet tegenhoudt te kiezen voor mijn geluk. Hij zegt dat hij zich ook heus niet laat tegenhouden door angst, maar waarom niet het zekere voor het onzekere nemen.

Zekerheid wordt vaak gebruikt als graadmeter voor regie over je eigen leven. Je weet waar je aan toe bent. Je hebt het onder controle. Dan ben je succesvol, op weg een held te worden.
Bij de Storytelling Academy werken we met de Reis van de Held van Joseph Campbell. Deze heldenreis is universeel en terug te vinden in ieder verhaal, ieder boek, iedere film. We bestuderen er dan ook een flink aantal. Iets knaagde aan mij, want het echte leven is ten slotte geen sprookje. In het echte leven kun je toch beter het zekere voor het onzekere nemen, zoals mijn collega zei.

Iedereen kan zich waarschijnlijk wel een aantal Helden voor de geest halen. Iedereen kent de verhalen van grote leiders van vroeger en nu. Die van Churchill en Mandela of van Oprah Winfrey en Steve Jobs. Hun grote successen nemen we zelf graag als voorbeeld. Aan de hand daarvan ontwikkelen we een visie en een doel doel en gaan op weg.

Wat de Reis van de Held mij echter liet zien is dat daar altijd een cruciale fase vóór zit. Voor ieder succes bevindt zich een fase van grote onzekerheid over het aangaan van het avontuur. Een avontuur waar je vaak veel meer ‘tegens’ dan ‘voors’ voor kunt bedenken. Het is de noodzakelijke sprong in het diepe, het onbekende. Het loslaten van de kade omdat je anders nooit aan de overkant komt. Dat is eng en druist in tegen al je gevoelens van zekerheid en overleving. Waarom zou je? Je weet ten slotte niet zeker of het je naar een betere situatie zal leiden. Je slaat die fase dan ook als het even kan graag over.

‘Waarom niet het zekere voor het onzekere nemen?’, vroeg mijn collega.

Wat is het zekere eigenlijk? Kan het noodlot je op die kade niet ook gewoon vinden? Als alles hetzelfde blijft, blijf je dan dus ook gelukkig? Storytelling leert mij om mijn leven te zien als een verhaal. Een verhaal waar ik zelf de regie over heb. En dat die regie niets te maken heeft met zekerheid, maar alles met vrijheid. Vrijheid om je eigen verhaal te schrijven. Als Storyteller in opleiding was er voor mij maar één optie.

’Zomaar je baan opzeggen… ik vind het nogal een risico.’ 
Hij draait zich om. ’Ik ga. Blijf jij nog hier? Ik niet hoor, lekker naar huis, ik ben vrij.’ 
Ik kijk hem na terwijl hij de trap afloopt. Dan draai ik me ook om en loop naar mijn volgende afspraak.
Ik glimlach. Ik realiseer me dat hij ongelijk heeft. Hij gaat naar huis.
Maar ik ben vrij.

Yvette Tick was tot vorige week werkzaam in het onderwijs en volgt de leergang tot Chief Storyteller.

narratieve intelligentie

door Mieke Bouma

Ontwikkel je narratieve intelligentie

We leven allemaal ons volstrekt uniek en persoonlijke verhaal en creëren zo onze persoonlijke mythe. Die persoonlijke mythe wordt gevormd door de bagage aan verhalen die we meedragen op onze levensreis.

En die bagage groeit maar door. Hoe ouder we worden, hoe meer we meemaken, hoe groter het arsenaal aan verhalen. Het zijn verhalen die we leven of waardoor we geleefd worden. Verhalen die anderen over ons vertellen of die we zelf vertellen. Verhalen over wanneer de wind mee zit of tegen, verhalen over mentoren, crisismomenten, verhalen over plotselinge schokken, schrik en ontreddering, verhalen over vreugde, liefde en dankbaarheid, verhalen met een les of een inzicht, verhalen over dromen en verlangens.
De rode draad in al deze verhalen vormt ons lot. Het goede nieuws is dat we van dat ogenschijnlijk wispelturig en grillig lot een betekenisvol plot kunnen maken door onze narratieve intelligentie ontwikkelen, door ons bewust te worden van de archetypische patronen en universele verhaallijnen.Narratieve intelligentie zorgt ervoor dat de bagage aan verhalen niet zwaarder wordt, maar lichter. Het leven wordt er leuker van. We ontdekken welke verhalen ons kunnen optillen naar het licht maar ook welke verhalen ons kunnen beschadigen. We ontwikkelen zelfbewustzijn, gaan het leven als betekenisvoller ervaren, onze relaties verbeteren en we doorbreken makkelijker patronen.Narratieve intelligentie doet ons begrijpen dat we met ons unieke verhaal een speciale opdracht hebben. Het is spannend te ontdekken wat die persoonlijke levensmythe eigenlijk is, want daarin zijn ook onze unieke talenten terug te vinden en de bedoeling van ons leven.Aandacht besteden aan de verhalen die we leven en die geleefd worden, is belangrijk werk. Het vinden van je persoonlijke mythe zou in alle domeinen van het dagelijks leven aandacht behoeven.

Gelukkig merken we bij de Storytelling Academy dat steeds meer mensen zich willen zich bekwamen en die narratieve intelligentie willen ontwikkelen en toepassen in hun professionele omgeving.

 

Mentor

Mentorverhalen gevraagd
-door Henk Hofman
“Opa heb je aaaa gedaan?”
“Nee, oeoeoe…”
“Jammer, ik heb aaaa gedaan.”
Deze nogal onbegrijpelijke dialoog werd afgelopen zondag gevoerd door Joep (3 jaar) en mijzelf. We hebben de afspraak dat we hard gaan roepen als we onder een viaduct of door een fietstunnel rijden. Joep en ik gaan regelmatig op stap: op de fiets, wandelend of met de auto. Joep noemt mij zijn grote vriend en ik noem hem ook zo.
Hij is de oudste van 3 kleinzonen.Voordat ik voor mezelf begon om in organisaties met theater- en verhaalmethodieken te werken heb ik lesgegeven op een HBO instelling waar jonge mensen werden opgeleid tot creatief therapeut. In het tweede jaar van de opleiding tot dramatherapeut moesten de studenten een solo spelen over iemand die belangrijk voor hen was of was geweest.
Het was opvallend hoeveel studenten grootouders kozen. Opvallend voor mij althans, want ik heb mijn grootouders niet of nauwelijks gekend en nooit ervaren wat hun invloed kon zijn.Ik herinner me nog ontroerende monologen van mijn studenten.
Nu zou ik die monologen ontmoetingen met de mentor noemen..

In Mieke Bouma’s werkvorm ‘de vertelkoffers’ is één van die koffers gereserveerd voor mentorverhalen. Vorige week zaterdag werkte ik met een beginnende theatergroep die geïmproviseerd theater maakt van de verhalen van mensen uit de zaal. Ik introduceerde de mentorverhalen en weer traden diverse opa’s en oma’s op.

Ik zou graag voor Joep en de andere twee zo’n opa zijn en hoop nog lang bovenstaande geheimzinnige dialogen te voeren.

Ik roep jullie, studenten van de Storytelling Academy, op je mentorverhalen hier te delen en het zal je niet verbazen dat ik vooral geïnteresseerd ben naar de verhalen van en over je grootouders.

Henk Hofman

Over Henk Hofman

De held

Storyteller Martin Bril

Door Reinier Rombouts

Ik denk vaak aan Martin Bril. In april was hij 5 jaar dood. Wanneer wis je het nummer van een dode? Vroeg Bril zich eens af. Waarom denk ik zo vaak aan een dode schrijver die ik persoonlijk niet kende? Is de vraag die ik me soms stel.


Ik ken hem alleen uit zijn verhalen, columns en boeken. Nu ja, alleen. Dat lijkt me voldoende voor een schrijver. En het zijn er een hoop. Die stukjes van Bril. Briljant. Vaak. Soms ook niet. Maar hij leerde me dat overal een verhaal in zit. En dat je kleine gebeurtenissen kunt optillen tot universele, herkenbare thema’s voor iedere lezer.
Bril slaagde erin om met zijn verhalen door te dringen in je brein. Waar het verhaal met je aan de haal gaat. Haakjes van herkenning, aangebracht in stijlvol nonchalante zinnen, zetten je eigen film in beweging (ik houd ook zo van die stad! Ja, dochters, ik weet er alles van! Frankrijk! Dylan!).In alles zit een verhaal. Bril bewees dat elke dag in zijn column. Hij trok het land in en keerde dagelijks terug met een verhaal. Uit dorpen, van pleinen, in steden, op het platteland of enkel een rotonde. Het maakte niet uit, overal viste hij een verhaal op dat verteld moest worden.
Was je er zelf nooit geweest dan zag je het voor je en dacht je: ja, dat stukje Nederland hoort ook bij mij. En was hij in een jou overbekende stad geweest of zelfs in je eigen straat dan dacht je: ja, dat klopt. Goed gezien. Ik zie het nu eigenlijk ook pas.

Hij maakte het persoonlijk. Voor hem, de Nederlanders die figureerden in zijn stukken en voor de lezer. Hij vertelde een verhaal. Zijn verhaal. Over ons. Dat is storytelling voor mij. Storytelling wordt ook weleens omschreven als ‘De reis van de held’. Dat klopt. Die held is Martin Bril. En hij was elke dag op reis.

Reinier Rombouts is senior communicatieadviseur bij Achmea en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b