Magiërs

Hoe het innerlijk vuur van de reisgenoten te ontsteken

-door Yvette Tick

Afgelopen zaterdag keek ik samen met een vriendin Lord of the Rings (deel 1). De hobbit Bilbo kreeg net bezoek van magiër Gandalf. Mijn vriendin vroeg zich af waarom magiërs toch altijd worden gespeeld door oude mannen met een baard en een puntmuts. Ik dacht daar eens over na.

Dat ze oud zijn is logisch: magiërs zijn heel wijs en wijsheid komt met de jaren. Veel magiërs zijn inderdaad net als Gandalf een man: denk aan Merlijn, en Albus Dumbledore uit Harry Potter. Ze passen ook goed in ons stereotype beeld van een man. Neem Gandalf: hij is sterk, moedig, rookt pijp en speelt met vuur. Letterlijk. Zo heeft hij een bijzonder talent voor het werken met vuurwerk. Wat de LOTR-fans ook weten is dat hij een Elvenring draagt, genaamd Narya: ‘De Ring van Vuur’. Magiërs hebben vaak ‘iets’ met vuur. Geen toeval.

Vuur
Vuur staat in verhalen voor de ‘aan knop’ van innerlijke kracht: moed, intuïtie, inspiratie, slimheid. De magiër is zelden de hoofdpersoon van het verhaal. Want de taak van een magiër in een verhaal is om de held sterk te inspireren en bij hem een ‘zielenvuur’ te ontsteken. Dat vuur brandt als het ware oude, belemmerende overtuigingen van de held weg en ontsteekt zijn innerlijke kracht. Kracht die nodig is om het kwaad te kunnen overwinnen. Eigenschappen die onder de oppervlakte al bij de held aanwezig zijn maar waar hij kan nog niet bij kan. Hij moet nog transformeren. De magiër helpt hem daarbij en daarom zijn magiërs vaak verbonden met vuur. Vuur betekent transformatie.

Transformatie
Overigens, dat transformatie een essentieel onderdeel in een verhaal is wordt in LOTR nog een extra benadrukt door ook de magiër zèlf te laten transformeren. En niet zachtaardig: dat is transformatie nooit. Bij Gandalf gebeurt dat na de strijd tegen de Balrog (een vuurmonster. Toeval?). Hij offert zich op voor de mensen die hij is gaan liefhebben. Maar ook voor het hogere doel van de missie. Zijn reisgenoten rouwen: hij kan de Balrog niet overleeft hebben. Wat zij nog niet begrepen is dat zo’n opoffering voor het hogere doel je niet doodt: het is een innerlijk sterven, het transformeert je ziel. Gandalf wist dat wel en nam er controle over. Hij komt getransformeerd en sterker terug: niet langer Gandalf de Grijze, maar Gandalf de Witte.

Intuïtie
Afijn, hij blijft wel een oude man met een lange baard. Wat je daardoor over het hoofd zou kunnen zien is dat zijn grootste kracht in eigenschappen ligt die meer vrouw-eigen zijn: intuïtie, zorgzaamheid, opoffering en vooral die aanmoediging tot innerlijke transformatie. Waarom dan niet gewoon een vrouwelijke magiër, zoals professor McGonagall uit Harry Potter? Zij kan van gedaante verwisselen en geeft les in transfiguratie: meer archetypisch wordt het niet.
Misschien juist omdat deze eigenschappen van nature meer bij vrouwen gezien worden is het effect groter wanneer een mannelijke magiër als Gandalf ze laat zien.

Gandalf heeft vanwege zijn grote wijsheid dan wel de leiding over de missie: hij weet dat het niet zijn taak is om zich ook als held op te stellen. In plaats daarvan zet hij andere kwaliteiten in om het innerlijk vuur van zijn reisgenoten te ontsteken. Zodat zij, de ware helden, getransformeerd worden, hun innerlijke kracht naar boven halen en de missie tot een goed einde brengen.

Mijn vriendin keek me hoopvol aan en vroeg: “Denk je dat mijn manager dat ook zou kunnen?”

Yvette volgt de leergang tot Chief Storyteller en haar reis is te volgen via www.yvettetick.nl

15 Sleutelvragen bij het schrijven van een goed verhaal

De narratieve meetlat

-door Mieke Bouma

Met regelmaat bereikt mij de vraag: Kun je eens naar het verhaal kijken wat we tot nu toe hebben ontwikkeld? Voldoet dit aan de narratieve wetten? Is het een goed verhaal? Het loopt nog niet lekker… Hoe maken we hier een verhaal van?
Soms volgt er dan een workshop of een persoonlijke coaching.
Maar het zijn altijd dezelfde hot issues die terugkomen bij het bespreken van zo’n verhaalopzet. En ze scherpen altijd de boel aan.

Dit zijn de sleutelvragen die helpen je verhaal aan te scherpen. 

1. Wat is het overkoepelende idee van mijn verhaal? Wat wil ik ermee vertellen?

2. Wat is de openingswaarde in het verhaal? Is die positief of negatief?

3. Wat staat er op het spel? Welke waarden staan onder druk?

4. Wie is de held? Wat mist hij aan het begin van het verhaal? Wat is er tot nu toe niet gelukt?

5. Welke gebeurtenis zet het verhaal in beweging en leidt noodzakelijk tot de crisis en de climax? (Oproep tot avontuur)

6. Wat is de reactie van de held op de Oproep tot avontuur?

7. Wat wil de held dat de uitkomst zal zijn van de Oproep? Wat drijft hem? Welk doel streeft hij na?

8. Wat zijn de tegenwerkende krachten? Op welke levels? Kun je op meerdere levels tegenwerking creëren? Ook intern?

9. Is de oppositie even sterk als de held? Testen de krachten hem als mens? Worden deze krachten sterker naarmate het verhaal vordert?

10. Raken we meer betrokken naarmate het verhaal vordert? Houden we van de held en kunnen we ons met hem /haar identificeren?

11. Komt er meer actie en acceleratie naarmate we dichter bij het einde komen?

12. Wat is de crisis/omslag? Hoe ziet die scène eruit? Kan die zonder dialoog?

13. Ieder verhaal gaat over een overkoepelend idee. Hoe is dit idee per scène terug te vinden? Positief of negatief?

14. Wat is het ergste wat er kan gebeuren met de held? Hoe kan dat tegelijk het beste zijn wat er kan gebeuren? Of vice versa?

15. Welk gevoel blijft over aan het einde van het verhaal? Wat is de les of het inzicht?

Download…

(vrij naar Robert McKee)

de 10 principes van narratief werk

Bij de Storytelling Academy, tijdens de lessen en workshops hanteren we bewust een aantal principes.
Het zijn onze leerstellingen die terugkomen in alles wat we doen.
1. Iedereen heeft een verhaal
2. Elk verhaal telt
3. Elk verhaal krijgt betekenis door de context.
4. Niemand kent het hele verhaal.
5. Niemand heeft het recht zich het verhaal van een ander toe te eigenen zonder daar rekenschap van te geven
6. Wij maken deel uit van elkaars verhalen. Jij van mijn en ik van jouw verhalen
7. Iedereen is een vat vol verhalen
8. Geen enkel verhaal doet recht aan de volheid van het leven.
9. Elk verhaal heeft effect. Vertellers en luisteraars zijn verantwoordelijk voor die effecten.
10. De zwakste stem moet altijd worden gehoord.

De narratief-ethische positie is altijd: ‘Dat wat erop het spel staat moet worden verteld.’

(Met dank aan storywise.com)

KPN, vrouwen en voetbal

  • door Yvette Tick

KPN stopt met het vrouwenquotum. Het verhaal maakt nogal wat reacties los. Veel bezorgde lezers pogen aan te tonen waarom gender diversity belangrijk is en komen met oplossingen voor KPN. Zo wordt in een willekeurig blog geopperd gewoon meerdere quota te maken. En veel oplossingen gaan over kansen voor vrouwen: “Doe er iets aan met opleiding en goede secundaire arbeidsvoorwaarden.” Goedbedoelde adviezen, die geen enkel verschil gaan maken.

Diversiteit
Mijn man herkende het probleem. Hij werkt ook bij een organisatie die meer vrouwen aan de top wil hebben. Zonder namen te noemen: het is een hele grote IT-organisatie. En zij investeren flink in de medewerkers. Terecht trots vertelde mijn man dat ze een uitgebreid en toegankelijk aanbod hebben van fantastische opleidingsprogramma’s in hun eigen heuse Academy. Ze hebben goede secundaire arbeidsvoorwaarden en zijn bijzonder flexibel als het gaat om work-life balance. Er wordt flink geïnvesteerd in de diversiteit, in zowel mannen als vrouwen. Om ieder op zijn en haar eigen manier te laten ontwikkelen en groeien binnen het bedrijf. Vrouwen zijn daar volgens hem heel tevreden over. En toch zitten er weinig vrouwen aan de top. En misschien nog belangrijker: ze blijven er niet.

Waarden
Het zette ons aan het denken over balans. Helft man helft vrouw is balans, maar niet per sé zinvol. Dat zien we aan KPN, waar de mannen en vrouwen in kwaliteiten en tekortkomingen blijkbaar op elkaar lijken. Dat bracht ons op waarden. Misschien had KPN gedacht dat de mannen ‘dus’ mannelijke waarden en de vrouwen ‘dus’ vrouwelijke waarden mee zouden brengen. Want ja, die zijn er. Maar in plaats van 2 tegenpolen is het een compleet spectrum. Mannen kunnen uitstekend vrouwelijke waarden bezitten en vice versa. De vrouwen bij KPN brachten blijkbaar dezelfde waarden mee als de mannen. Of die waarden dan mannelijk of vrouwelijk zijn laat ik helemaal in het midden.

Balans
Het zou mooi zijn als KPN zou gaan denken in waarden in plaats van quota. Storytelling maakt die mannelijke en vrouwelijke waarden voor een organisatie concreet en inzichtelijk: welke zijn er al, en welke zijn nog nodig om te zijn wie je wilt zijn en je doelen te behalen. Het geeft inzicht in een voor jouw organisatie zinvolle balans. Storytelling geeft “vrouwen aan de top” zin omdat het je laat inzien naar welke vrouwen je precies op zoek bent. Dan kun je gericht investeren in diegenen die deze waarden als kernkwaliteit bezitten of als kwaliteit kunnen ontwikkelen. Met voldoende ruimte voor mannelijke èn vrouwelijke waarden is een vrouwenquotum niet meer relevant. De juiste vrouw komt dan als vanzelf op de juiste plek.

Mannelijk of vrouwelijk?
Ik begon te vermoeden dat het bedrijf van mijn man misschien onbewust veel mannelijke waarden hanteert die doorklinken in de dagelijkse cultuur. Dat kan vrouwen op hun beurt namelijk onbewust afstoten. Om dat te onderzoeken maakte ik als storyteller een persoonlijkheid van het bedrijf. Dit bedrijfspersonage is geen daadwerkelijke medewerker van het bedrijf. Het is alsof het bedrijf zelf een mens is, een fictief personage met alle kenmerken, opvattingen, waarden en gedrag die zich in de organisatie bevinden. Die kun je verzamelen door verhalen op te halen bij medewerkers op allerlei plekken in de organisatie en door medewerkers zelf een dergelijk personage te laten beschrijven. Ik maakte zo’n personage op basis van de verhalen van mijn man en het bedrijfspersonage bleek ook best een man. Voorbeeld: dit bedrijf illustreert de organisatiewaarde ‘lef’ met een man die van een klif af springt. Dat een bedrijf juist daarvoor kiest zegt iets, over onbewuste kleuring vanuit mannelijke waarden. Meestal maakt de ‘lijfspreuk’ van een bedrijfspersonage nog het meest duidelijk. Dus ik vroeg mijn man of zij misschien een intern motto hebben. “Jazeker!” glunderde hij, “Die luidt: wij willen in de Champions League van de IT spelen”.

– Yvette Tick was tot voor kort werkzaam in het onderwijs en volgt de leergang tot Chief Storyteller

Het leukste wat je kunt worden, is jezelf

-door Joyce Oomen

“My dear, here we must run as fast as we can, just to stay in place. And if you wish to go anywhere, you must run twice as fast as that”
Lewis Carrol – Alice’s adventures in Wonderland & through the looking-glass

Dit zegt de koningin tegen Alice wanneer ze lange tijd hard gerend heeft, maar er achter komt dat ze nog steeds op dezelfde plek is. Heel hard rennen en toch niet vooruitkomen, dat wil niemand. De drang om vooruit te komen zit in de mensheid ingebakken. Die lijkt soms wel sterker dan wij. Niet voor niets luidt een oud gezegde dat stilstand achteruitgang is. Anderen halen je immers in als je niet beweegt. Overigens zijn mensen hierin niet uniek. In de 19de eeuw bogen wetenschappers zich over de plantenwereld. Zij onderzochten een fenomeen dat ze ‘regeneratie’ zouden noemden. Ze kwamen tot de bijzondere ontdekking dat planten, zoals een boom, zich voortdurend moeten vernieuwen om een boom te blijven. Dat is een vreemd idee. Bewegen, veranderen om te blijven wat je bent!

De wereld om ons heen verandert ook. En wel in hoog tempo. De invloed van technologie wordt steeds groter en voor iedereen voelbaar. Wat je vandaag leert, kan morgen al weer achterhaald zijn. Stabiliteit lijkt iets uit een grijs verleden. De ene reorganisatie is nog niet afgerond, of de volgende staat al weer voor de deur. Hoe zorg je ervoor dat je mee blijft doen, succesvol blijft, als individu en als organisatie?

Als we vooruit willen moeten we dan twee keer zo hard rennen, zoals de koningin tegen Alice zegt, of juist slimmer? Ik ga voor slimmer. Een organisatie die slimmer rent, zet mensen in op hun talent. Slimmer rennen doe je niet op kracht maar op passie. Slimmer rennen is niet tijd en energie steken in het oppoetsen van de buitenkant. Niet hardnekkig proberen iets te zijn wat je niet bent. Niet als organisatie en niet als mens. Slimmer rennen is beginnen bij je kern, bij wie je bent. Dat is je basis, de boom. Dat maakt je lot veel onafhankelijker van alle machten en krachten van buitenaf. Jaren geleden introduceerde Manpower haar allereerste commercials op tv met wat mij betreft één van de mooiste reclamezinnen aller tijde; “het leukste wat je kunt worden, is jezelf”. Als we daar aan vast houden; komen we zeker waar we willen zijn.

Joyce Oomen is Director thought leadership & innovation at ManpowerGroup en volgt de leergang tot Chief Storyteller
Dit blog verscheen op haar linkedin pagina:

www.idilio.nl 

Het script voor de kroonprins

– door Reinier Rombouts

Het leven is vaak wat je gebeurt. Je weet wel: van die andere plannen die nooit doorgaan. Vooral die waar je zo druk mee was. Je hebt het allemaal goed voorbereid, zorgvuldig gepland en er hard voor gewerkt. Je verdient het echt. Wat zeg ik? Je bent eigenlijk al eigenaar van dat nieuwe huis. Je hebt die baan al. En terecht. Alleen nog even tekenen.
Bijrol
Ronald Koeman had eind vorig jaar de pen al in de hand om te tekenen als nieuwe bondscoach van het Nederlands Elftal toen de KNVB ineens Guus Hiddink uit de hoge hoed toverde. De voetbalbond paste het script voor Koeman aan: hij mocht een bijrol vervullen naast ome Guus. Koeman kwaad. Hij bedankte. En zag hoe zijn rivaal Louis van Gaal derde werd met de Nederlandse spelers op het WK in Brazilië. Van Gaal mocht vervolgens naar Engeland om daar de grootste club van het land te trainen: Manchester United. Ook dat nog.Kroonprins
Koeman, kroonprins onder de trainers, legde het af tegen de oude koningen van het trainersgilde. Hij vertrok bij Feyenoord en werd coach van Southampton, een Engelse club die deze zomer compleet werd leeg gekocht en door de kenners werd ingeschaald als degradatiekandidaat. Terwijl Koeman zijn beste spelers zag vertrekken, gaf Louis van Gaal intussen bakken met geld uit in Manchester. Hiddink liet onderwijl de teugels vieren bij Oranje en scoorde punten bij de internationals als de gezellige oom die de strenge ‘vader Louis’ deed vergeten.

Nieuw hoofdstuk
Koeman dacht aan de crises die hij eerder doorstond in zijn trainerscarrière (ontslagen bij Valencia en AZ), haalde zijn schouders op en keek welk script het leven hem voorschreef. Southampton kwam. Koeman belde zijn broer Erwin, vroeg hem of hij zijn assistent wilde worden en samen vertrokken zij naar Zuid Engeland. Ronald koos voor het verhaal zoals zich dat aan hem opdrong. Accepteerde dat de sterspelers van de club werden verkocht en kocht zelf (op papier mindere) spelers. Hij vertrouwde op zichzelf, zijn broer en de spelers in zijn selectie. Hij sloeg de bladzijde om en startte voor zichzelf en de voetbalclub een nieuw hoofdstuk.

Succesverhaal
Inmiddels zijn de eerste zes speelronden in de Premier League gespeeld. Koeman zorgde voor de beste seizoenstart uit de clubgeschiedenis: Southampton staat tweede. Het Manchester United van Louis van Gaal begon dramatisch. Waar Ronald Koeman op het schild wordt gehesen, is Louis nu koning af. Manchester United is zevende in de rangschikking. En op 6 december moet Van Gaal op bezoek bij Koeman.
Is het bondscoachschap nog onderdeel van zijn levensverhaal? Waarschijnlijk wel. Het staat alleen een paar hoofdstukken verder in het script dan Koeman dacht. Als hij zo doorgaat, komt ook de KNVB vanzelf weer bij hem op bezoek.

Reinier Rombouts is senior PR adviseur bij Pride PR en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b

Jos van Oord en zijn verhalen

Gesprek over betekenis van verhalen voor het vinden van je talenten en je bestemming

door Petra Muns

Jos hoor ik spreken tijdens de Better2Gether dag in Amersfoort, een inspirerende dag met als doel professionals en ondernemers te helpen een levensplan te bouwen. Jos vertelt het verhaal van de bruiloft van Kana. Hij vertelt geweldig met als bron de Bijbel. Jos is theoloog. Het unieke aan zijn verhaal is voor mij dat de context van moraliteit ontbreekt, die vaak is gekoppeld aan religieuze verhalen.

Nu wordt de schoonheid en wijsheid erin belicht en dat raakt mij. Ik herken het verhaal over de bruiloft van vroeger van de zondagsschool, maar hoor nu pas wat een rijk verhaal het is. Ik wil van Jos weten hoe hij denkt dat verhalen mensen helpen in hun loopbaan en maak een afspraak met hem. Ik ontmoet hem bij Corazon in Amersfoort, een fijne plek. Jos zit al aan een tafeltje, gezond bruin ogend, lichte kleding dragend en met een warme uitstraling.

We zijn verhalen
Ik vraag Jos hoe hij zijn verhalen ziet in deze wereld. Hij zegt: “Ik kan niet zonder verhalen. Vroeger lagen de verhalen op straat en werden ze bewaard in kerken. Maar nu verdwijnt het religieus erfgoed. Elke week worden er kerken afgebroken. Ik hoop dat er plekken blijven waar de verhalen gekoesterd worden en anders hoop ik dat ze worden meegedragen in de harten van mensen.” Jos wil graag de nieuwe religieuze mens bereiken. Mensen zeggen tegen Jos: “Als ik het verhaal van de bruiloft van Kana eerder zo had gehoord als jij het vertelt dan…”. Jos slaat de brug en het wordt jouw eigen verhaal. Hij doet dat bijvoorbeeld door dit soort frasen: “Op de derde dag van het bruiloftsfeest is er geen wijn meer, dat wil zeggen er is geen hoop, geen toekomst meer. Uiteindelijk wordt het water, wijn, maar eerst is er chaos. Vanuit chaos komt schepping. Aan de passie (het bruiloftsfeest) gaat gemis vooraf. De grote vraag is dan: hoe ga jij om met tegenslag?“

In oude verhalen het eigen leven herkennen
Jos vertelt hoe hij als kind graag dienstbaar was. Als zijn vader thuiskwam ging hij samen met zijn moeder naar de keuken om een borreltje in te schenken voor zijn vader, hapjes te maken en de tafel te dekken voor het eten. Hij kiest later steeds voor een ‘dienend’ beroep. Gastheer zijn, is de rode draad in zijn leven. Een keuze vanuit zijn hart. Zijn loopbaanpad gaat via de hotelschool naar een studie theologie. Eerst is hij werkzaam in de landelijke kerk, later als predikant. Jos is ook nog theaterdirecteur geweest en nu, naast interim-predikant, vooral theoloog/verhalenverteller.

Jos vertelt: “Ik wil mensen niet bekeren, ik wil hun ontdooien, mensen weer op de rit helpen, een brug slaan. In de oude verhalen kunnen mensen hun eigen leven herkennen.” Jos gelooft in God als scheppingskracht, als geest, die werkzaam is in mensen, in gebeurtenissen, in de natuur. “En,” zegt hij, “oproepbaar bij het doorvertellen van de oerverhalen. ”
Ik denk dat het hem goed lukt om in een tijd van religieus verval, de verbinding te maken met het joods-christelijk erfgoed voor ons hedendaagse mensen. Hij is in staat de brug te slaan, betekenis te geven.

Via ‘de woestijn’ naar ‘het beloofde land’ 
Ik vraag hem wat verhalen kunnen betekenen voor mensen in hun werk.
Jos legt uit: “Je bent meer dan je werk. In de huidige tijd waarin mensen vasthouden aan de zekerheden van hun werk wil ik ze oproepen om eerlijk en oprecht te zijn.”
Jos vertelt zijn verhalen in organisaties en merkt dat er in veel organisaties een cultuur van zwijgen is. “Door het gesprek aan te gaan met collegae kun je dit doorbreken. Pas dan kom je weer in een positieve flow. Door de economische crisis zijn veel mensen bang geworden, ze durven niet. En toch zul je via het ‘angstland door de woestijn’ moeten gaan om in het ‘beloofde land’ terecht te komen. In de bijbel staat Egypte voor het angstland, de woestijn voor opbouw en kiezen voor risico, en dat proces kost tijd. Veertig dagen heeft de profeet Elia ervoor nodig gehad. Tot bestemming kost tijd, niet terugverlangen naar de vleespot”

Door dit voorbeeld realiseer ik me dat je altijd door het stof moet om het beloofde land te bereiken. Daarvoor is het nodig je angst te onderzoeken en moedig te zijn. Dit is meteen de illustratie van wat een verhaal kan betekenen in je leven en loopbaan. Ik reflecteer en verbind het verhaal met mijn eigen levensvragen en thema’s in mijn werk. Een metafoor in een verhaal zoals een dorre woestijn raakt een diepere laag.

Ik dank Jos voor het interview, denk dat ik zelfs nog een zegen van hem krijg. Ik stap de regen weer in en zie al snel een tweet voor ogen “gesprek over betekenis van verhalen voor het vinden van je talenten en je bestemming”


Petra Muns is loopbaanprofessional en registercoach, aangesloten bij het NOLOC en is intern loopbaancoach bij het RIVM. Haar eigen bedrijf heet Tulp Talent.
Ze volgt de leergang tot Chief Storyteller.

 

7 jaar onzichtbaar

Hoe je je eigen legende creëert

Door Yvette Tick

Ik las vanmorgen een interview van Ernst-Jan Pfauth (De Correspondent) met rapper Typhoon. Het interview ging over het favoriete kinderboek van de rapper. Dat bleek De ongeloofelijke avonturen van Bram Vingerling (1927) te zijn. Het vertelt over de tiener Bram Vingerling die graag een groot uitvinder wil worden: hij wil ontdekken hoe hij zichzelf onzichtbaar kan maken. Net als Bram Vingerling wil Typhoon tijdens het schrijven van zijn nummers het liefst onzichtbaar zijn.

Hij deelt de liefde voor Bram Vingerling met wijlen Harry Mulisch, die in een interview uit het jaar 2000 vertelde dat hij net als Bram een grote geleerde wilde worden. Maar Mulisch werd van school gestuurd en het werd oorlog. Toen begon Mulisch te schrijven. Naar eigen zeggen lag het als het ware al in het jongensboek besloten dat hij dat zou gaan doen. Zowel Typhoon als Mulisch zagen in dat zij in hun levensverhaal, hun eigen Heldenreis, een hoofdstuk over moesten nemen van Bram Vingerling: onzichtbaar worden.

In de Reis van de Held, beschreven door Joseph Campbell, maakt de hoofdpersoon van een verhaal een cyclische reis door. Die reis begint met een oproep tot avontuur. Je belandt in een nieuwe wereld. Maar je krijgt ook te maken met een crisis, vaak onvrijwillig zoals bij Mulisch. Je wordt van school getrapt. Er breekt oorlog uit. De toekomst is onzeker. Mulisch vergelijkt zo’n crisis met onzichtbaar worden zoals Bram Vingerling. Je hebt niets meer. Je doet er niet meer toe. Je bent onzichtbaar. Het dwingt je om je leven te herzien: want wat nu? Het betekent ook dat je ongezien van richting kunt veranderen. Het is een kans. Mulisch begreep dat en toen ging hij schrijven. Zijn crisis was ergens goed voor: hij kwam dichter bij zijn bestemming, het bracht hem naar een nieuw avontuur als schrijver.

Anders dan bij Mulisch zocht rapper Typhoon de crisis vrijwillig op. Hij begreep dat hij niet in de nieuwe wereld van zijn muzikale succes kon blijven: als hij zich verder wilde ontwikkelen als Held op zijn reis moest er nog een crisis komen. Hij liet het succes en de bijbehorende sociale status dan ook bewust achter zich om 7 jaar lang zo goed als volledig afgezonderd te werken aan zijn nieuwe album. Ook hij werd, geïnspireerd door Bram Vingerling, onzichtbaar. Schreef daar zelfs het nummer ‘Mr. Invisible’ over. Hij wilde zich bewust onttrekken aan de verwachtingen van de maatschappij. Hij wilde niet proberen perfect te zijn, liever wilde hij authentiek zijn. Ook als dat betekende dat de wereld niks meer van hem wilde hebben.

Campbell heeft het over een (spreekwoordelijke) dood en wederopstanding. Typhoon riskeerde zijn succes met zijn ‘sociale sterven’, maar daardoor stierf ook alles wat afleiding gaf en overbodig was. Daarvoor in de plaats verkreeg hij wat Mulisch het ‘elixer van de schoonheid’ noemt: oog voor creatie. Zonder een crisis hadden zowel Mulisch als Typhoon hun creativiteit niet naar een hoger niveau kunnen tillen. Ze beseften dat en namen er de controle over.

In deze tijd van sociale media waarbij van artiesten verwacht wordt dat ze iedere stap die zij zetten melden en verantwoorden zeg ik: hulde voor degenen die onzichtbaar durven worden. En meer nog dan dat: hulde aan hen die zich niet laten leiden door de maatschappij, maar door het kinderboek dat hun hart raakte. Je wordt er 7 jaar lang misschien niet populair van, maar je creëert wel je eigen legende.

– Yvette Tick was tot voor kort werkzaam in het onderwijs en volgt de leergang tot Chief Storyteller

Het interview met Typhoon (Glenn de Randamie) lees je hier: https://decorrespondent.nl/1615/Leer-van-Typhoon-durf-onzichtbaar-te-zijn/123001804420-68421c1a

Het is wél persoonlijk bedoeld

Hoe rampverhalen tot leven komen

Door Reinier Rombouts

Een oorlog, een ramp, een aanslag. Grote gebeurtenissen die het nieuws tijden domineren, zijn vaak zo complex, omvangrijk of ver weg dat het voor de gemiddelde nieuwsvolger moeilijk is de impact te voelen. Honderden, duizenden doden zijn erg. Heel erg. Vluchtende vrouwen en kinderen aan de andere kant van de wereld zijn zielig. En natuurrampen zijn dramatisch en spectaculair. Iedere avond trekken dergelijke nieuwsitems aan ons voorbij. Gaza. Alweer? Koffie?


196 slachtoffers, 196 verhalen
Grote gebeurtenissen komen vaak pas tot leven door kleine verhalen. Persoonlijke verhalen. Over mensen. De ramp met vliegtuig MH17 dat boven Oekraïne uit de lucht werd geschoten, was groot nieuws. Omdat er 196 Nederlanders omkwamen, is het in ons land nog steeds nieuws waar het in andere landen al van de krantenpagina’s en uit de journaals is verdwenen. De vreselijke vliegramp hakte er flink in. Zelf luisterde ik met stijgende verbazing naar het steeds toenemend aantal doden. Maar het raakte me pas echt toen journalisten de verhalen van de individuele slachtoffers optekenden. Zoals het AD, dat zich voornam om alle verhalen van de 196 slachtoffers te vertellen. Een prachtig initiatief dat de ramp dichtbij, voelbaar en herkenbaar maakt. Neem het verhaal van Willem (52) uit Nieuwegein die op weg was naar een nieuw leven in Bali. Hij had besloten om bij zijn nieuwe Balinese vriendin te gaan wonen en niet meer terug te keren naar Nederland. Hij keerde nooit terug, maar kwam ook nooit aan in zijn beloofde land. Dit soort kleine verhalen gaven de vliegramp voor mij een gezicht. Een gezicht dat ik altijd zal onthouden, anders dan de vele rampen die ik ook zag op het journaal, maar die nooit persoonlijk werden.

Onderdeel van het verhaal Een andere ramp die in het collectieve geheugen is gegrift, is 9/11. Dit jaar is op de fundamenten van de torens in New York het 9/11 Memorial Museum geopend. Briljant aan dit museum is dat het een beroep doet op dat geheugen, op de verhalen die iedere bezoeker zelf heeft over de aanslag op de Twin Towers. Natuurlijk zijn er veel materialen te zien in het museum, zoals een originele trap van het World Trade Center, het wrak van een brandweerwagen en bebloede naaldhakken van een slachtoffer. Maar al deze gruwelijke details vormen het decor voor datgene waar het werkelijk om gaat: de verhalen van de slachtoffers, nabestaanden, hulpverleners en bezoekers. De verhalen van alle slachtoffers zijn opgetekend en met foto’s krijgen ze een gezicht. Ze komen zelfs tot leven doordat hun laatste berichten op voicemails en antwoordapparaten worden afgespeeld. Een derde van de wereldbevolking zag de aanslagen op de torens live of zag het diezelfde dag in herhaling op tv. Ook die verhalen van bezoekers worden onderdeel van het museum. Bezoekers kunnen hun persoonlijke verhaal over die dag en de impact daarvan op hun leven achterlaten. Het museum toont die ervaringen op een grote wand. Zo wordt iedere bezoeker zelf onderdeel van het grote verhaal.

Persoonlijk
Vaak willen we in onze communicatie veel impact bereiken, maar laten we weinig zien van wie we echt zijn. Worden niet persoonlijk. Niet echt. We zeggen het zelfs letterlijk, vooral in werksituaties, het zakelijk verkeer: het is niet persoonlijk. Rampen doorbreken ons normale ritme en maken dat we iets extra’s geven. Iets meer durven. En dan willen we de verhalen achterhalen. Om te begrijpen, te voelen om zo dichtbij als mogelijk te komen. Het resultaat: mooie, hartverscheurende verhalen met een enorme impact. De organisaties die hun kale kernboodschappen durven weggooien en hun echte verhalen gaan vertellen, zullen werkelijk impact creëren. Het is namelijk wél persoonlijk bedoeld. Altijd.


Reinier Rombouts is senior communicatieadviseur bij Achmea en volgt de leergang Chief Storyteller
https://www.linkedin.com/pub/reinier-rombouts/1/489/89b

Smoesjes over Storytelling

door Henk Hofman

In de Volkskrantbijlage V zomer #4 van zaterdag 2 augustus stond een verontrustend stuk over Ester Bal, de gewezen perschef bij de voetbalclub Vitesse. Niet zozeer verontrustend als het gaat om hoe er met haar is omgesprongen, want zo te lezen is zij iemand die haar weg wel vindt en zeker in staat is tegenslagen te overwinnen. Maar met name verontrustend vanwege de manier waarop Storytelling wordt gedefinieerd.
’Als er iets niet klopte dan diende de persvrouw een verhaal te verzinnen.’

 

vitesse
Storytelling is hier synoniem voor een verhaal(tje) verzinnen, voor een trucje en staat hier gelijk aan onverbloemd leugens verspreiden. Het wordt hier ingezet om ’iets in de maag te spitsen’, ’een smoes te verzinnen’, ’de waarheid te verdraaien, ’een plannetje te beramen’, kortom om een fraai verpakte leugen te verspreiden met als doel mensen iets op de mouw te spelden.Pijnlijk. Natuurlijk weet ik dat door pers en media vaker valse verhaaltjes worden verspreid en halve waarheden worden voorgeschoteld, maar vooral pijnlijk omdat de term Storytelling op deze manier nogal besmet raakt.

Storytelling gaat – als het goed is – om authenticiteit, inspiratie, verbinding en menselijke waarden. Storytelling zou een waarachtig verhaal moeten opleveren waarbij het gaat over verlangen, moed, écht ergens voor gaan, over offers brengen, over problemen overwinnen en draken verslaan, over dilemma’s onder ogen zien en je doel voor ogen houden. Kortom: het verhaal van de held, waar wij ons op wezenlijk niveau allemaal mee kunnen verbinden.

Maar eens te meer is duidelijk dat alles van waarde weerloos is; het woord storytelling kan zich niet verdedigen. Laten wij, die ons dagelijks met Storytelling bezig houden, ons best doen de waarde ervan hoog te houden. Laten we het onderscheidingsvermogen ontwikkelen om smoesjes van waarachtige verhalen te onderscheiden. Laten we op zoek gaan naar het betere verhaal, ook als dat verzonnen wordt.