Stories for Change                                                                           

Door Henk Hofman

Ooit in een vorig leven werkte ik met ‘High Potentials’ in een leiderschapsprogramma. Een belangrijk onderdeel was: ‘Wat heb ik te vertellen en Hoe vertel ik mijn verhaal. Omdat alles in het Engels moest was de titel van de workshops: Storytelling & Leadership: In search of a better story. Sindsdien vraag ik me af wat het betere verhaal is.

MasterPeace
In september werd ik uitgenodigd in de Fabrique in Utrecht om deel te nemen aan een bijeenkomst van de internationale beweging MasterPeace (masterpeace.nl). In een workshop kwam ik naast Kristine, een vrouw uit Wiesbaden te zitten en na enkele kennismakingszinnen: Wie ben je en wat doe je, antwoordde ze plotseling: ‘Ik ga je uitnodigen.’

Enkele weken later kwam de uitnodiging. Zij, Kristine, is verbonden aan MasterPeace Wiesbaden en is naast haar werk erg bezig met het helpen integreren van vluchtelingen uit haar stad en uit Frankfurt. Met enkele anderen had ze het initiatief opgevat om een boek te publiceren over de verhalen van de vluchtelingen uit die steden. Dat traject zou beginnen met een tweedaagse Storytellingworkshop, waarin de deelnemers de kans zouden krijgen ‘op verhaal te komen’ in alle betekenissen van het woord. En waarin het geraamte van wat ze vertellen wilden verder door een editor zou worden vervolmaakt. Er waren wat fondsen geworven voor dit project en of ik zo vriendelijk wilde zijn de tweedaagse voor mijn rekening te nemen. Op mijn verzuchting dat ik het Duits wel goed verstond, maar onvoldoende vertrouwd was om het te spreken, antwoordde ze dat ik Engels mocht spreken en dat zij het dan zou vertalen.

Afgelopen vrijdag ben ik naar Wiesbaden gereden om op tijd te zijn voor de workshop ‘Stories for Change’ die op zaterdag en zondag zou plaatsvinden. Voor mij was een plek geregeld in de plaatselijke jeugdherberg, waar ook de workshops zouden plaatsvinden en zo vond ik mijzelf terug in een ‘dorm’ met zes stapelbeden, waarvan er een was opgemaakt.

De volgende ochtend begon de workshop. Er waren ruim twintig deelnemers uit Syrië, Afghanistan, Somalië, Albanië en Irak. En een achttal ‘taalpartners’. De meeste vluchtelingen waren tussen de zestien en dertig jaar, de rest ouder. Sommigen spraken redelijk Duits, een enkeling ook Engels, maar de meesten beheersten maar zeer beperkt de taal en waren alleen vertrouwd met hun Muttersprache. Dat de meesten niet vloeiend Duits of Engels konden, was me wel meegedeeld, maar het kwam toch als een lichte schok, hoeveel vragende gezichten ik in het begin zag.

Uit de weg gaan
Ik wilde beginnen met het verhaal van de pijl en de roos, waarin een rabbi verklaart dat zijn verhalen als pijlen zijn, maar dat de luisteraar er de roos omheen tekent, dat wil zeggen er betekenis aan geeft. Ik heb dat ook gedaan en Kristine vertaalde prachtig, maar de verbaasde gezichten noopten mij om grote delen van het verhaal uit te beelden. Mijn spel, maar ook de worsteling om het zo duidelijk mogelijk te maken, bleek in plaats van een handicap, een verdieping te veroorzaken. Het tempo daalde drastisch maar de intensiteit nam toe. De deelnemers gingen onmiddellijk met elkaar en met de Sprachpartner in gesprek om te verifiëren of ze de boodschap hadden begrepen. Er werd erg gelachen om de afloop van het verhaal en vanaf dat moment, had ik het gevoel dat -hoe zeg je dat- God of Allah of Wie dan ook het overnam. Ik heb enkele keren eerder in mijn loopbaan zulke momenten gehad. Dat je vervuld raakt, dat je weet dat je er helemaal moet zijn om het proces te faciliteren, maar dat je er zelf nauwelijks toe doet. Dat je een opdracht hebt en zoveel mogelijk uit de weg moet gaan.

Het werden bijzondere dagen. Ik heb de ‘zeven universele thema’s’ geïntroduceerd, ook weer door veel te spelen en de deelnemers hebben er in hun eigen taal betekenis aan gegeven. Ik heb een eenvoudige verhaalopbouw gesuggereerd: held, verlangen, kwaliteiten en omstandigheden, hulp, draak (om de uitbeelding wed weer veel gegniffeld), actie/scene en hoger doel. En ze zijn aan het schrijven gegaan. Soms met een kindje op de arm, soms met een zoon die zijn moeder helpt haar herinneringen in het Duits te vertalen. Meermalen heb ik een brok in mijn keel gevoeld. Zoals bij een vrouw die me probeerde uit te leggen, dat ze zelf niet de heldin in haar verhaal wilde zijn, maar stem wilde geven aan de kinderen, die spelen en leren wilden, die er bij wilden horen. Ik vermoed dat ik me haar vlammende ogen en rode wangen nog lang zal herinneren.

Doodstil
De zondagmiddag besteedden we aan wie zijn/haar verhaal wilden vertellen. We hoorden de oorlogsomstandigheden, de verschrikkingen van de vlucht, het nietsontziende gedrag van mensensmokkelaars, de hel van de oversteek, het totaal alleen zijn in Italie, maar ook de dromen en verlangens, de blijdschap en dankbaarheid de toekomstfantasieën, en de betekenis die ze wilden hebben. Sommige verhalen werden vertaald door hen die het Duits wel machtig waren. Anderen probeerden het met de beperkte woordenschat die ze tot hun beschikking hadden. Er werd doodstil geluisterd en aan de gezichten kon je zien dat degenen die niet vertellen wilden, er hun ‘roos’ omheen trokken.

Het waren dagen die me hebben verrijkt. Ik heb de hele lange terugreis in sneeuw, wind en regen de gebeurtenissen de revue laten passeren en besloot dat ik meer wil gaan doen met het luisteren naar verhalen van mensen die op de vlucht zijn gegaan op zoek naar geluk. ‘Zoals wij allen doen,’ zou Mieke zeggen. Ik heb me vanochtend aangesloten bij MasterPeace, in de hoop iets voor die organisatie te kunnen betekenen. Ik wil zoeken naar ‘het betere verhaal’ en weet weer eens ten diepste dat dat een menselijk verhaal is over dromen en angsten, over strijd, triomf en terugslag, over wat je te brengen hebt en wat je liefhebt.

Ja, het betere verhaal gaat altijd over de liefde. Wat ben ik blij dat ik dit mag doen.

Een reactie plaatsen