Ik ga op reis en ik neem mee deel 2…

door Henk Hofman

In een mooi artikel in de NRC van 5 september 2015 beveelt Robbert Dijkgraaf bij het begin van het academisch jaar de studenten aan vier dingen mee te nemen op reis: een kompas, een stemvork, een loep en een dobbelsteen.

Ik werd blij van het artikel omdat ik al vaak tegen mezelf en anderen, Rutger Kopland citerend, zeg:

Onze kaarten hebben we achtergelaten,
ergens, niet boos, niet weemoedig:
ze vertelden ons wat we al wisten,
waar we vandaan kwamen.
Niet waar we waren.

Ik merk al jaren in mijn persoonlijk leven en werken dat de kaarten verouderd zijn geraakt, het vangnet van regels en procedures, geboden en verboden niet meer voldoet. Dijkgraaf adviseert de jonge student zelfs helemaal geen kaart mee te nemen, omdat ze door anderen zijn gemaakt. Hij raadt aan de bovengenoemde zaken mee te nemen.
Graag wil ik van zijn advies gebruik maken om ze toe te voegen aan de persoonlijke standaarduitrusting van een Chief Storytelling. Ik licht ze toe en maak af en toe gebruik van hij schrijft.

Allereerst een kompas: 
Dijkstra schrijft: ‘Zo hebben jonge onderzoekers een intern kompas die de richting van de tijdgeest oppakt. Niet gehinderd door de vooringenomen ideeën van meer ervaren wetenschappers, voorvoelen ze waar de interessante ontwikkelingen naartoe leiden. Het subtiel signaal van verbeelding en intuïtie kan gemakkelijk overstemd worden. Zoals Einstein later zei: ‘Verbeelding is belangrijker dan kennis. Want kennis is beperkt tot alles wat we kennen en begrijpen, terwijl de verbeelding de gehele wereld omvat.’Ik word nogal eens gevraagd om organisaties en teams te helpen bij zelfsturing en/of talentontwikkeling. Ook de roep om medewerkers die proactief zijn, zelfinzicht hebben en verantwoordelijkheden oppakken, kortom eigenaarschap te tonen, hoor ik veelvuldig. Dat is gemakkelijker gezegd dan gedaan, want niet iedereen heeft geleerd om wie ben ik-wat wil ik-en hoe doe ik dat, de bekende trits in veel ontwikkelprogramma’s, toe te passen.
Maar voor Chiefs geldt dat ‘Ken Uzelf’, een belangrijke voorwaarde is om je innerlijk kompas te ijken. Waar wil je voor staan, waar voor gaan, wat maakt je ziek en wat heelt je. Kortom waarnaar verlangt je ziel. Om met het verhaal van ‘Springmuis’ te spreken: wat zijn jouw heilige bergen’. Dijkgraaf voegt er tot mijn genoegen verbeelding en intuïtie aan toe. Dus Chief, als je je kompas afstemt op je waarden, je inspiratie, op je verbeelding en je intuïtie heb je al veel in je rugzak.
Dan de stemvork:
De stemvork trilt en resoneert. Gebruik symbolisch dit instrument om na te gaan wat in jou trilt en resoneert. Wat jou inspireert en motiveert. De kans is groot dat jouw trilling ook anderen in beweging zet. Vertel je verhalen energiek, ik bedoel, vertel ze geladen met energie, zoek naar vertellingen die energie geven. Zoek naar licht IN de duisternis, vrede IN de oorlog, liefde IN de angst, stilte IN de storm. Zoek naar wat jou vervult wat jij te vertellen hebt ook al tril je als een riet.
De loep:
Dijkgraaf roept de studenten op om middels de loep ‘je te verliezen in details’. Zo zonder context zou ik dit advies niet ter harte nemen, maar wel in het kader van het zoeken naar het juiste verhaal, op het juiste moment aan de juiste mensen. Dan is het zorgvuldig zoeken naar kenmerkende details onontbeerlijk voor Chiefs. Dat betekent heel goed luisteren naar wat en hoe mensen hun verhalen vertellen, wat karakteristiek, uniek, eigenaardig en veelzeggend is. Als ‘een beeld meer zegt dan duizend woorden’, hoe kun je dan met kenmerkende woorden dat beeld oproepen?
Dat zit ‘m in de details: ‘Als het niet loopt zie je weer hoe belangrijk de details zijn. Dan zijn er details die in detail verkeerd gaan’. Uitspraak van Johan Cruijff.
En tenslotte de dobbelsteen:
Dijkgraaf pleit voor spelen, voor over de schutting kijken, het toeval omarmen. Daar zit je creativiteit, buiten de gebaande paden, buiten de kaart, buiten de comfortzone. Voor Chiefs betekent dat: je plannen kunnen loslaten, je afstemmen op en instemmen met het proces. Je nieuwsgierigheid blijven ontwikkelen, je amateurstatus (lees: liefhebber) behouden naast je professionaliteit. Je werk als een spel te zien. Het voordeel hiervan is dat je er even uit kunt stappen om je af te vragen: Heb ik dit goed gespeeld, zal ik het eens anders proberen? Overigens kun je spel met hart en ziel en soms verrassend serieus spelen, is mijn ervaring.Dus zeker geen kaarten. Liever op je onvoorspelbare reis reisgezellen ontmoeten zegt Dijkgraaf. Met het laatste ben ik het hartgrondig eens. Het zoeken naar en vinden van medereizigers is onontbeerlijk. Mensen die op dezelfde golflengte zitten of naar (zie stemvork) dezelfde frequentie verlangen. Maar ik geef de Chiefs wel ter overweging één kaart van te voren te bestuderen, om die als dat aan de orde is weer weg te doen.
De Reis Van De Held is een goede en universele kaart, daarom zijn we er in de leergang ook mee begonnen. Je hoeft alle stappen niet altijd te doorlopen, maar de basisstructuur moet bekend zijn. Want met die kaart in de hand kun je vrijwel alle story-interventies aan: wie is de held(in), wat is de status quo, wat het verlangen, wat het probleem, wat de strijd, wat de oplossing en wat het doel, bedoeling of moraal.

En met dit laatste woord zijn we als Chiefs thuisgekomen, want als de moraal ontbreekt, heb je niet veel te vertellen. Als jouw verhalen en narratieve interventies geen hoger doel nastreven, menselijkheid bevorderen, en insluiten kun je wat mij betreft de titel niet dragen.

Dat je in je rugzak ook een mes en een stuk touw zou kunnen stoppen is een ander verhaal, dat een andere keer moet worden verteld.

Henk Hofman is docent aan de Storytelling Academy

Een reactie plaatsen